De K(e)ille: betekenis van, en duiding rond een niet alledaagse benaming

Alhoewel de benaming “kille” in de benaderende betekenis van zwaaikom of keerpunt aan het einde van een kanaal in de plaatselijke archiefbronnen niet frekwent of bijna niet gebruikt werd, is die term, als aanduiding voor een feestcomité in een gebied met een rijke geschiedenis, op zijn plaats.
Het gebied, omsloten door de Vaartstraat, de Kordewagenstraat en de Nerenweg (de vroegere Molenstraat), was voor de Kalkense gemeenschap zowat het scharnierpunt voor handel en vervoer.
De nabijheid van de Schelde, de Kalkense gemeentevaart met haventje, de meersvlakten van Molenmeers en Broekmeers - met hier en daar vruchtbaardere ophogingen en een overvloed aan kanaaltjes of beken vol met vis -, de gebouwen van de buurtspoorwegen vormde er de leefgemeenschap: de unieke samenstelling ervan met handelaars, landbouwers, winkeliers, herbergiers, vakmensen en arbeiders zorgde er voor een bruisende en heterogene gemeenschap.
Kalkenvaart zorgde niet alleen voor handelsmogelijkheden, via de vaart werd ook het hemelwater van een groter gebied dan de meersen mogelijk gemaakt. Om die vaart echter voldoende te kunnen onderhouden, was er een voortdurende financiële en arbeidsintensieve inspanning nodig: de vaart verzandde door het spel van eb en vloed en de waterkunstwerken (vooral de dijken en de sluisjes) waren regelmatig aan herstelling toe.
Met de aanleg van de buurtspoorweg (tram) op het einde van de 19de eeuw werd een nieuw hoofdstuk aangesneden: voortaan was ook over land een vluggere verbinding met nabijgelegen dorpen en steden mogelijk. Dat de tramverbinding als belangrijk beschouwd werd, zou menigmaal blijken uit aankondigingen voor Vaerdekenskermis: de boogschutters uit andere gemeenten werd op de mogelijkheid gewezen de kermis op die manier gemakkelijker en vlugger te bereiken. Werden enerzijds nieuwe arbeidskrachten aangetrokken, dan zouden met de verminderde belangstelling voor Kalkenvaart als vervoerweg anderzijds arbeidsplaatsen verdwijnen (bijvoorbeeld de scheepstrekkers).
Tijdens de twintigste eeuw zou de skyline van het gebied ingrijpend veranderen: zo verdwenen onder andere de masten van de bootjes, de molenwieken, enkele hoge schouwen en de staande wip. Voor een kortstondige heropleving qua arbeidsplaatsen zorgde de ongeveer veertig jaar gehandhaafde textielfabriek Vanham. Binnenkort zal de busstelplaats van DE LIJN ook meer volk tewerkstellen, alleen zullen de oude gebouwen dan met de grond gelijk gemaakt zijn.
Gekruide verhalen rond gebeurtenissen in het gebied Vaartstraat – Nerenweg – Kordewagenstraat zijn er genoeg: de oorlogen, de V1, de tram, de herbergen, de kermis, de uitstap naar Potjesmarkt Schellebelle, het gemeenschapsleven, enz…
Alles lijkt vervlogen en definitief voorbij.
Datzelfde gebied is door inbreiding meer bebouwd en bevolkt dan ooit. Misschien ook hét moment voor een keerpunt, een k(e)ille ?

Vaardekenskermis

Plaats op de jaarkalender

Vaardekenskermis wordt traditioneel gevierd de laatste zondag van augustus.

Ontstaan en naamgeving van de kermis

De volkrijke wijk De Vaart leunt aan tegen Kalkendorp. De onmiddellijke omgeving van Kalkenvaart was eeuwenlang het economische centrum van Kalken door de aanwezigheid van en de drukte rond het haventje (tot omstreeks WO II) en de inplanting van de tramstelwerkplaats (vanaf eind 19de eeuw).
De wijk De Vaart had door de jaren heen meerdere kermissen:

  1. ter gelegenheid van Schellebelle Potjesmarkt (tweede of derde zondag van juni)
  2. de laatste zondag van augustus: Vaardekenskermis
  3. ter gelegenheid van de dorpskermis (derde zondag van september)
  4. ter gelegenheid van Kalkenkermisjaarmarkt
  5. ter gelegenheid van de Sint-Denijskermis (zondag van of na 9 oktober)

De vereniging van lokale herbergiers stond in voor de organisatie van de kermis. Vanaf de jaren 1980 verminderde echter de mogelijkheid tot het inrichten van kermissen.
Sinds de oprichting van feestcomité De Keille wordt Vaardekenskermis opnieuw ingericht met eigentijdse accenten.